Het Münchausen paradigma voor achterstandswijken: jezelf uit het moeras van achterstand trekken

Sinds de jaren 80 hebben veel initiatieven geprobeerd het achterstandsniveau in Rotterdam Zuid te verminderen. Verschillende initiatieven waren gericht op het aantrekken van creatieve professionals. Als tegenreactie stimuleerden andere initiatieven de creatieve talenten van arme wijkbewoners teneinde hun economische positie te versterken. Een voorbeeld hiervan is Freehouse, dat projecten in de Afrikaanderwijk startte, waaronder de oprichting van een wijkcoöperatie.

Initiatieven

In dit artikel staan twee vragen centraal: 1) Wat zijn de effecten van de projecten van Freehouse op de economische positie van bewoners van de Afrikaanderwijk? en 2) Welke inzichten bieden onze resultaten in de mogelijke effecten van lokaal overheidsbeleid dat uitgaat van een actieve rol van burgers? Hoewel de economische effecten van de projecten beperkt waren, laat ons onderzoek zien dat burgerinitiatieven zoals de Afrikaanderwijk Coöperatie wijkbewoners kunnen ondersteunen bij het verkrijgen van werk. Om dit met succes te kunnen doen moeten deze initiatieven niet worden gehinderd door belemmerende regelgeving en moeten zij input krijgen van bewoners die als staf fungeren. In een achterstandswijk hebben veel bewoners echter ondersteuning nodig om te kunnen bijdragen aan zulke burgerinitiatieven. Van hen kan niet worden verwacht dat zij zich zoals Baron von Münchausen aan hun eigen haren uit het moeras van achterstand trekken.

Het artikel in het Engels vind je hier: Journal of Social Intervention.