Niet alleen “omdat het kan” — een onderzoek naar bestaande kennis over maker education

Makersonderwijs – leren door te maken – lijkt “hot” te zijn. In de Verenigde Staten heeft maker education de aandacht en zegen van president Obama weten te verkrijgen. Ook in Nederland heeft de petitie “Leren door te maken” makersonderwijs in de politieke schijnwerpers gezet. Nog hebben de meeste publicaties betrekking tot de Amerikaanse socio-economische en socio-culturele context.

Daarom is het niet voldoende, de materialen en inzichten over maker education letterlijk te vertalen naar makersonderwijs. De vertaling moet ook figuurlijk gebeuren om de kerngedachten van making en de bijhorende pedagogiek en didactiek naar het Nederlandse onderwijs te brengen.

Dit onderzoek benoemt een aantal van de opgaven voor deze figuurlijke vertaling van maker education naar makersonderwijs concreet te benoemen – voor het onderwijs an sich (wat), voor het perspectief van onderwijzen (hoe) en voor het perspectief van leren (waarom). De ontwikkeling en uitwerking van makersonderwijs vooral door de makers in het onderwijs opgepakt worden. Dit onderzoek geeft hen een basis voor het wat, hoe, en waarom. Niet alleen “omdat het kan”.