PLG (DOT) Make & Design

In samenwerking met het Bètasteunpunt Zuid-Holland organiseren we vanaf september 2015 voor de tweede keer deze PLG (professionele leergemeenschap) Make & Design.

Bij veel vakken op middelbare scholen spelen maken en ontwerpen een rol. Veel (bèta)vakdocent zijn meestal al tijdens uw studie in aanraking gekomen met deze begrippen en tijdens de lessen komt het terug. Over maken en ontwerpen bestaan veel verschillende opvattingen en in de diverse vakgebieden wordt het op verschillende manieren toegepast. Deze vakgebieden zijn ook in ontwikkeling en dat biedt vaak nieuwe mogelijkheden en kansen voor onderzoeks- en ontwerpomgevingen.

Labroute
Tijdens deze PLG maken docenten kennis met verschillende laboratoria waar onderzoekers, makers en ontwerpers toegepast én praktijkgericht aan de slag gaan. In deze omgevingen wordt op een andere manier geleerd en gewerkt dan in het huidige onderwijs gewoon is. De volgende labs maken onderdeel van de labroute:
* Stadslab Rotterdam , FabLab van de Hogeschool Rotterdam
* Het LAB Rotterdam, VO lab
* Betafactory, met o.a. Composietlab van InHolland Delft
* Spark Design, bedrijvenlab
* I Tech You, VO lab
* Science Centre TU Delft

De PLG is opgezet als een labroute. Elke bijeenkomst bezoeken we met de docenten een ander lab. Ter plaatse vertelt de onderzoeker / maker / ontwerper op welke manier er in dat lab gemaakt, ontworpen en geleerd wordt. In elke bijeenkomst gaan we samen aan de slag om de kennis en ervaring door te vertalen naar praktisch lesmateriaal. De vragen van docenten over maken, ontwerpen en leren zijn uitgangspunt voor deze PLG. De docenten komen immers in hun lespraktijk regelmatig in aanraking met vakoverstijgende vraagstukken die gaan over maken en ontwerpen. Die vragen vormen de input van deze PLG en met elkaar geven we daar antwoord op in de vorm van bruikbaar lesmateriaal.

Doelstelling
Het opdoen van vaardigheden en het kennismaken met instrumenten die leerlingen op een creatieve manier ertoe aanzetten vaardigheden te ontwikkelen op het gebied van technisch ontwerpen en maken.
Labroute O&O

Werkwijze
Docenten uit het Voortgezet Onderwijs maken kennis met de ontwerpcyclus en met design thinking en u past deze manier van denken toe in een onderwijscontext. Daarnaast komt de theorie over maken, ontwerpen en leren waar we dieper op ingaan voort uit de praktijk van alledag. Een onderwerp wordt verkend, vervolgens uitgelegd, vervolgens verder uitgediept en op een overstijgende manier toegepast. Deze manier van denken koppelt u aan uw eigen lespraktijk. Het laboratorium definieert het type maken, ontwerpen en leren dat bij de betreffende bijeenkomst de hoofdrol speelt. De PLG levert een combinatie van academische kennis (over didactiek, ontwerpen, etc) en praktijkkennis (waar kun je informatie & materiaal vinden, hoe gebruik je een 3D-printer, etc). Na deelname aan deze PLG beschikken de deelnemers over:
* Kennis van en ervaring met de ontwerpcyclus en de manier van denken van een ontwerper.
* Kennis van en ervaring met de verschillende contextrijke leeromgevingen en de mogelijke toepassingen daarmee in uw lespraktijk.
* Kennis van en ervaring met het ontwerpen van nieuwe lesstof waar leerlingen op een andere manier leren leren.
Docenten nemen deel samen met een collega van hun school / instelling. Door een deelname van twee docenten per school wordt de toepassing in de praktijk beter voor te bereiden en uit te voeren.

Begeleiding
Deze PLG wordt ontwikkeld en begeleid door Manon Mostert-van der Sar. De lector Peter Troxler levert een belangrijke inhoudelijke bijdrage aan deze PLG.

Programma
De PLG bestaat uit 6 bijeenkomsten, ieder op woensdag van 15.00 tot 18.00 uur.

De totale investering van een docent is circa 30 uur. Deelnemers ontvangen aan het einde een certificaat als bewijs van deelname. De PLG is ook geregistreerd bij het Lerarenregister.

Doelgroep
Deelnemers in de PLG zijn actief als leerkracht of TOA in het voortgezet onderwijs. Vanuit elke vakdisciplines is het mogelijk om deel te nemen aan de cursus. Er is geen specifieke voorkennis vereist, maar een algemene basis van didactische vaardigheden zijn prettig. De PLG bestaat uit 8 tot 12 docenten. Per deelnemende school verwachten we twee docenten.